We zijn gelogeerd in een oudere buurt van Singapore met veel “shophouses”, een idee van Mr. Raffles: benedenverdieping zijn winkeltjes en daarboven woon je. De benedenverdieping heeft een arcade zodat er schaduw was.
De buurt werd vooral bewoond door Maleiers en andere moslim groepen zoals de Jemenieten, vandaar de moskee op het einde.
Iedere keer valt het ons op: hoeveel Singapore doet voor cultuur. Je associeert een eerder rechts controlerend regime niet direct met anti-racisme, milieubehoud en cultuurbeleving, maar hier dus toch.
Vandaag bezochten we het Nationaal Museum. Dat begin je best van boven naar beneden. Er stond een showcase rond dementie: bewustwording, informatie en acceptatie.
In een afgesloten cilinder was er een soort projectie gebaseerd op de botanische tekeningen van de eerste Engelse gouverneur van Singapore: William Farquhar. Erg mooi gedaan:
Vervolgens ging het over de geschiedenis van Singapore: van de prehistorie tot nu. Bij de eerste onafhankelijkheid werden Maleisië en Singapore één staat. Na minder dan twee jaar bleken er teveel verschillen te bestaan; o.m. omdat Singapore altijd erg multicultureel was door handel: Chinezen, Maleiers en Indiërs leven en werken er samen. De basis van de staat is erg tegen racisme.
Er was ook een kaart te zien van Ortelius waar “Cincapura” vermeld staat; ook Ambon en Ceram zijn terug te vinden – het eiland Run (dat van de eerste nootmuskaatplantages) niet.
Ook juwelen en andere kleinoden
En ook een cursus Maleis voor “Mems”, afkorting voor Memsahib, Mevrouw in de koloniale tijd.
Het deed mij om één of andere reden denken aan mijn eerste les Engels – Rip Van Winkel, weet je wel
Net als in Vlaanderen waren er hier nooit leeuwen. Wel regen. Met bakken. Het belooft een natte dag te worden.
We worden wakker in deze hyperefficiënte stad na een korte vlucht en een recordtijd tussen landen en de taxi: top 30′. Even online de immigratiekaart invullen, paspoort inscannen en hop we mochten binnen met een digitaal visum voor 90 dagen. Tegen dat we aan de bagageband kwamen, waren onze koffers er al.
In de Ngurah Rai luchthaven van Bali verliep de check-in ietsje chaotischer, maar we hadden een leuke babbel met twee bemanningsleden van cruise schepen. Ze vertrokken voor een contract van 8 maanden. De ene vloog door naar Santo Domingo en de andere naar Houston, allebei via Amsterdam.
De vernieuwde vertrekhal in Bali is wel mooi geworden.
We zijn te vroeg om in te checken op de KLM vlucht, maar we hadden geen keuze, want neef Wim vloog 3 uur eerder terug naar JKT.
Dan maar uitrusten in de “Premium Check-in”, met een koud drankje en een koekje.
Ideaal om over de laatste avonturen te vertellen.
De chauffeurs krijgen overal waar ze met toeristen komen wellicht een percentage van de omzet. Nu, het kon ons deze keer niets schelen, want de ‘kopi luwak’ zaak (zie hier een kopje koffie met een ubi-beignet (ubi is Indonesisch voor zoete aardappel)
en daarna het restaurant met zicht op de padi’s waren perfect.
Ik kan van allerlei dingen zen worden: omgeploegde velden, windmolens, maar je wordt het helemaal als je de ‘pool boy’ aan het werk ziet. je wordt gewoon rustig van zijn bewegingen.
Het is durian en mango tijd en dan zijn er veel vliegen. Je wordt er gek van. De ventilators aan het plafond helpen niet – je moet ze tijdens het eten zelfs uitzetten en op kaarsen overstappen. Aaaarggh …
Maar … het wordt donker en eensklaps zijn ze verdwenen. Als iemand ons dit fenomeen kan uitleggen? Het is dan wel de tijd voor muggen en mogelijk mieren – maar daar heb je dan muggenmelk voor 🙂
Bali is sowieso al een tuin op zich, maar de villa heeft een mooie, erg verzorgde tuin, die dagelijks onderhouden wordt. Het groeit en bloeit hier dan ook uitbundig. Naast de alomtegenwoordige kokospalm, frangipani en bamboe staat er ook een tamarinde boom en vier “pisang kipas”, letterlijk “waaierbanaan”.
Naar het schijnt regent het de laatste tijd veel in België. Hier is het regenseizoen en dat betekent dat je de meeste dagen wel eens een regenbui meemaakt. Dat is dan meestal geen slavlaagje maar een tropische regenbui. Spelende kinderen hebben er geen last van, de vele bromfietsers des te meer. Je ziet wel eens creatieve regenkledij.
Gisterenavond viel nog een forse bui. Hieronder foto’s van het zwembad om een idee te krijgen.
En vandaag, nog wat regen tijdens de laatste massageronde. Ik wou dat de dames zo nu en dan naar België zouden kunnen komen.
Het is onze voorlaatste dag en we gaan nog wat shoppen. De ikat in Bali is anders dan die in Lombok en de winkel dichtbij Singaraja heeft een mooie collectie ikat, al dan niet in zijde.
Er is ongelofelijk veel keuze – manlief wordt er moe van. Dus lunch in een Indonesisch restaurant naast een rijstveld