Er zwemt hier wat rond , ondermeer nogal wat dolfijnen (tuimelaars) en diverse soorten walvissen. We hadden al de hoop opgegeven ze te zien op deze (te korte) trip, maar vlak bij de haven kwam er een ganse kudde meespelen. Ze waren zo dichtbij dat we de typische ‘Flipper-geluidjes’ konden horen van hun conversatie en het blazen van hun ademhaling
We hadden er niet genoeg tijd voor uit getrokken en de dagen zijn nu te kort, maar een volgende keer doen we de volledige toer rond het eiland. Er is zo veel te zien door de variatie aan formaties en erosie …
“El pueblo secreto”. Het ziet er uit als een dorpje, maar het is gewoon de natuur
Gisteren hebben we een zeilboot gehuurd bij Serea Yachting, een hobby van de havenloods Miguel en zijn Gabriella. Het werd een gezellige toer in een mengeling van Spaans, Frans & Duits. Weer veel bijgeleerd van het eiland, dat voor geologen een paradijs is. We zagen indrukwekkende rotsformaties in multicolor en ook het eerder vermeldde rotsje zag er anders uit vanop het water
El Hierro is helemaal anders dan de klassiekere Canarische eilanden. Er zijn niet zoveel toeristen en dus nog minder horeca. Wij slapen in de Parador, de bekende keten van Spaanse staatshotels. Die liggen ofwel op een speciale plek ofwel zijn het oude geklasseerde gebouwen (tot een middeleeuwse burcht toe) .
Een foto van het hotel vanop El Pinar En nu met de telelens
In La Frontera is het kleinste hotel: slechts 4 kamers op het uiteinde van een klein schiereilandje
De naam van de oorspronkelijke inwoners van El Hierro. Zij waren verwant aan de Berbers (Amazigh) van Marokko en andere Canarische stammen. Er is niet bijster veel van ze overgebleven: wat legendes, wat petroglyfen, plaatsnamen en familienamen. In de 15° eeuw veroverden de Spanjaarden de archipel. Na een belofte ze met gerust te laten werden er veel Bimbaches als slaaf verkocht, gekerstend en overheerst door geïmporteerde Spanjaarden uit Castilië. Ze leefden van kleine veeteelt, landbouw en visvangst. Het is dan ook te begrijpen dat er nogal wat Herreños uitweken naar de America’s . (vooral Venezuela) .
Bimbaches rond de Garoé laurier
Een heel eind weg van de bewoonde wereld vindt je de boom van Garoé, in een nis in een rotswand met daarbij enkele putten met vulkanisch water. De boom werd aanbeden door de Guanches (Tenerife) en de Bimbaches omdat die het water opving uit de vochtige maritieme lucht en druppel voor druppel als condensaat teruggaf. Het hout van dergelijke boom is zeer gegeerd, maar enkel te gebruiken na een doorgedreven droogproces. Nat hout van deze boom stinkt erg; vandaar de Engelse benaming ‘stinkwood’.
en dit is de nieuwe boom, want de oude was gestorven
Architect Cesar Manrique heeft diverse opmerkelijke bouwsels nagelaten. Een van de opmerkelijkste is het restaurant aan de Mirador de la Peña … Ong. 650 meter boven de begane grond hangt dit arendsnest met een uitzicht over La Frontera en de vlakte van El Golfo. En het is er nog lekker ook…
vanop de begane grond.een blik naar rechtseen blik naar links
El Hierro moest diesel importeren om daarmee elektriciteit te maken… Nu pakken ze dat beter aan met windmolens en een ingenieus systeem waarmee ze de overtollige elektriciteit gebruiken om water van een laag gelegen meertje naar een hoger gelegen te pompen. Als er elektriciteit te kort is dan laten ze dat water terug naar beneden lopen langs een turbine.
Links onderaan de foto zie je het onderste station met de waterkrachtcentrale
De berg op richting hoofdstad Valverde met een lunch aldaar.
Na de lunch nog wat door de stad gedwaald. Het is al een pak verbeterd tegen 15 jaar geleden, met hier en daar een supermarktje en een winkeltje, maar het blijft een naargeestig stadje in de wolken, want het ligt op zo’n 500 m boven de zeespiegel: wanneer de zon schijnt in de parador aan de zee, kan het best koud en kil zijn in het dorp.