Ostuni, la città bianca

We logeren in Ostuni, het witte stadje in Apulië, zoals Puglia in het Nederlands heet. Een klein stadje niet ver van de zee, omringd door olijfgaarden en waar de huizen inderdaad witgekalkt worden. Het is er gezellig, met veel kleine, smalle straatjes en pleintjes. Om bijna elke hoek is er wel een kerk(je).

Er rondwandelen is ook wel een beetje fitness, want er zijn best veel trapjes …

Puglia here we come!

We weten het, zomaar weer op reis gaan … Maar wat wil je? Als een vriend een stulpje heeft in Zuid-Italië en je daar uitnodigt? Moeilijk om neen te zeggen …
Dus namen we de vlucht naar Brindisi.

Mangroves

De chauffeur rijdt zo nu en dan van de hoofdweg af en laat ons – te midden van een toch zeer desolaat landschap – iets totaal onverwachts zien:

mangroves, maar hier geen bomen, maar eerder laag struikgewas. In het zeer heldere water zie je wat visjes rondzwemmen. Ik waan me weer op Seram.

Vissers

Je zou denken dat met het uitsterven van de parelhandel, het vissersleven hier zou uitsterven. Maar niets is minder waar – van quota is hier nog geen sprake. Weliswaar zit er geen Qatari meer aan boord, maar wordt alles door Indiërs geregeld.

Al Zubarah

We maken een rondrit door het hinterland met een Nepali chauffeur die al 20 jaar in Doha werkt. De eindbestemming is het fort van Al Zubarah, op ongeveer 100 km van Doha.

Het fort werd in de 18de eeuw in een baai gebouwd en had twee tunnels, die naar het dichtstbijzijnde vissersdorp leidden. Het vissersdorp was ook belangrijk voor de parelhandel.

On the road – strong wind

Er blaast een sterke wind en de wegen zijn buiten Doha City in de late namiddag hier redelijk leeg. Daardoor neigt de Qatari mobilist harder dan toegelaten te rijden, waardoor er hier om de 4 km een flitspaal staat. Gordel verplicht, liefst niet naar je GSM kijken als je rijdt – voor de rest is alles okay. Soms opmerkelijke versieringen.

Op de terugweg:

Dhow varen

Het stond al een tijdje op onze bucket list: een rondje varen met een dhow. Gisteren toen de zon aan het zakken was en de temperatuur wat milder werd, werden wij opgehaald voor een privé tour.

Geen verkeer – het moet te warm zijn

Het is waar – het is zaterdag, dus ook nu is het verkeer maar matig. Maar er is nog een andere reden:

Tijdens de zomermaanden start het leven hier pas rond 4:00 p.m.
De zon is al vroeg in de ochtend ongenadig en als er wind is, lijkt het of je onder een grote haarföhn loopt. Of denk aan een hete lucht-oven. Even erg.

Maar als toerist ga je het toch proberen …
Souk Waqif is maar 10 minuten lopen van het hotel, het is vroeg in de ochtend, het moet kunnen.

Het kost je wel 3 juices om je de energie te geven om terug te lopen. En de buit is fantastisch: twee potjes Perzische saffraan, zoals we ze nog nooit gezien hebben. Een flesje Oud en een chique witte qami met een hemdskraag.

Nee, een gouden ketting kon er niet af 🙂

Wanneer draag je zoiets?


Geen verkeer – het moet vrijdag zijn

We arriveerden rond 23u in Doha (4 uur tijdsverschil met Jakarta) en werden wakker in een stille stad. De vrijdag is hier namelijk de zondag. Ideaal om te relaxen en nog wat bij te slapen. Vier uur jetlag en de ouderdom eisen hun tol!

Doha ligt er wat stoffig en oververhit bij. Minstens 38°C, maar meestal 40-45°C en droog.

Laatste verkeersopstopping in Jakarta

traag verkeer, tijd genoeg om wat te babbelen met de chauffeur. We hadden zijn auto eerst niet herkend, want die was wit en de dag voordien reden we met hem in een zwarte… Ja, hij heeft namelijk twee auto’s nodig omdat hij elke dag moet kunnen rijden… Afhankelijk van de nummerplaat mag je in Jakarta maar de helft van de week rijden. En dus is de oplossing: twee auto’s! Met een elektrische mag je natuurlijk elke dag rijden. En ja die rijden ook rond – herkenbaar aan een blauwe strook in de nummerplaat- maar ofwel dure Europese of goedkopere Chinese.

Nog gauw afscheid nemen van de chauffeur – wiens adres we zeker zullen bijhouden – en hop: naar wat luchtzakken boven de Indische Oceaan en Doha, hoofdstad van Qatar.