Schumacher had waarschijnlijk medelijden met ons wellicht veel te duur betaalde katoenen (maar het is echt wel mooi katoen!!) galabiya’s en heeft ons getrakteerd op een lunch met zicht op de Nijl.



inpakken & wegwezen: kruidige reisnotities
Schumacher had waarschijnlijk medelijden met ons wellicht veel te duur betaalde katoenen (maar het is echt wel mooi katoen!!) galabiya’s en heeft ons getrakteerd op een lunch met zicht op de Nijl.


Al onder de indruk van de Medinet Habu, rijden wij door naar Ramesseum, zoals Champollion (de man die de hiërogliefen ontcijferd heeft) de herdenkingstempel van Ramses II noemde.
Toen Ramses III zijn tempel in de Medinet Habu bouwde heeft hij zich door dit complex laten inspireren.









Een opmerkelijk item is een reuze-Ramses. Zo maar eventjes 18m rechtop. Maar nu ligt de Farao in stukken op zijn rug.

Graffiti-vandalen zijn van alle tijden… Soms tref je Griekse en Koptische aan, maar ook regelmatig Franse (van de soldaten van Napoleon) of Engelse van daarna.


Het is duidelijk dat wij aan het “bijslapen” zijn.
We hebben onze chauffeur moeten waarschuwen dat wij wel 30′ later zouden zijn. Communicatie met hem gebeurt via WhatsApp maar enkel geschreven; wil je praten dan is enkel Facebook Messenger mogelijk of gewoon Proximus, maar dat wordt een dure zaak.
Anyway – rond 9:00 a.m. ongeveer klaar om naar Medinet Habu te vertrekken.
Hatsjepsoet (je weet wel, de vrouwelijke farao van gisteren aan de tempel Deir el Bahri) liet een tempel voor de god Amun bouwen , maar die werd later volledig overschaduwd door de enorme dodentempel van Ramses III.

Het is een klassieke tempel met de gestileerde iconografie van de onoverwinnelijke Farao die de goeden eert met tempels en offergaven, de vijanden van Egypte verslaat, en zorgt dat er “ma’at” is: orde, rechtvaardigheid en evenwicht. Dat laatste is soms letterlijk met afbeeldingen die naar links kijken in de linkerhelft en waar de hiëroglyfen van links naar rechts te lezen zijn en het omgekeerde aan de rechterhelft. Een paar foto’s






Het gebouw is niet alleen indrukwekkend architecturaal maar was ook nog eens beschilderd. En daar is in de schaduwpartijen nog veel van over, meer dan 3300 jaar oud… Egypte was in die tijd gezegend met de rijkste economie en macht van de wereld in die tijd: dank zij de Nijl en natuurlijk de hardwerkende Egyptenaar.


In de late namiddag zagen we een opbouw in de tuin van het hotel. Gevolgd door soundcheck en de aankomst van de eerste gasten ‘in all their finery”.

Daarna begon de productie pas goed op dreef te komen met een camera crew die elke beweging van de bruid volgde en een DJ die het publiek vlotjes meekreeg.
Alles stopte even tijdens de roep van de muezzin om dan nadien pas goed los te barsten… en netjes te stoppen om 22u.

Schumacher sleept ons mee naar een winkel, die volgens hem het echte spul verkoopt: het is een feit dat met de hand bewerkt alabaster zacht – zelfs zepig – aanvoelt. We komen een half uur later dan ook buiten met een kommetje of twee en wat scarabeeën voor de kleinkinderen.
Lunch gaat tegen de zin van Schumacher door in Hotel Al Moudira, een zeer mooi hotel maar super prijzig (www.moudira.com) en best wel ver van de stad. Dus enkel lunch.


Uiteraard kan een vrouw niet weerstaan aan een hotelshop met leuke originele cadeautjes.
Dat vond een rijtje Amerikaanse vrouwen ook, waardoor man en Schumacher een uurtje in de schaduw in de auto hebben gewacht. Zucht.
Ik kwam wel buiten met een verhaal: de gekochte kom is namelijk van Fayoum aardewerk. Blijkt dat 30 jaar geleden een Zwitserse keramiste een pottenbakkerij begon in de oase van Fayoum en dat het hele dorp hier nu van leven kan.
Na een ritje van 10 minuten, kom je bij de tempel van Hatsjepsoet, een indrukwekkend bouwsel op een zeer onherbergzame plek.
Daar waar het gebouw – gehakt uit de rotsen – bij aanvang de nec plus ultra in architectuur werd bevonden, werd het later verguisd door de vele fans van haar opvolger, Tuthmosis III, en later door Griekse monniken die hiëroglyfen maar niks vonden.
Hatsjepoet mag trots zijn: nu komen er hordes toeristen: busladingen vol storten zich op de vergrootte golfkarretjes die de mensen de lastige wandeling van 500m besparen onder de felle zon (nee, wij zijn heel sportief te voet gegaan).
Het spel met de veeltalige gidsen is een extra schouwspel, evenals de lokale ’tipgevers’ die je wel willen leiden naar dat specifieke plekje voor een betere foto.









Wij hebben met Abdullah Schumacher, onze chauffeur en fixer voor de week, om 8:30 a.m. afgesproken voor een bezoek aan de – zoals Abdullah het noemt – Westie Bank.
We starten bij het Carter House.
Precies 100 jaar geleden ontdekte Howard Carter het graf van Toetanchamon. Vergeten omdat zijn vader Akhnaton het monotheïsme uitvond en dat vond de priesterkaste niet zo leuk. Akhnaton, Toetanchamon en zijn opvolger Aye werden dan ook systematisch ‘vergeten’ uit de koningslijsten waardoor ook niemand hun tombes zocht.
Howard Carter was een markante figuur uit de Egyptologie. Vlakbij de vallei der koningen betrok hij een gerieflijk huis dat nu te bezoeken valt. Daarnaast is een replica gebouwd van de graftombe van Neb-Kheperu-Re wat de tweede naam was van Toetanchamon. (een Farao hoort er 5 te hebben).




De nagebouwde tombe is erg accuraat: tot en met de beschadigingen die Carter aanbracht door binnen te breken. Zo is een muurschildering van Isis beschadigd geraakt.


De vlucht naar Egypte: van het bitter koude België naar een aangename 35°C in Luxor. De vlucht zelf was rustig met een mooi uitzicht op de Alpen en Cairo. En ook leuke reisgenoten: een hele grote Armeense familie, wiens baby’s en kinderen totaal niet huilden bij het opstijgen en dalen. Zaalig …
Na wat aanschuiven voor een visum geraakten we aan de praat met Abdullah Schumacher (zijn artiestennaam) die beloofde voor ons te zorgen. Meer daarover later.
Het was een blij weerzien met deze stad die bijna twee keer zou oud is als Rome … Ok het is één grote “tourist trap” maar er is ook zoveel te zien en dus draait alles een beetje rond het toerisme. Er is niet veel anders buiten dat en landbouw.
Het hotel is een beetje verouderd, maar het personeel maakt veel goed en de setting op de oever van de Nijl is ook niet mis.


Jullie verslaggever is onderweg naar Luxor. Tot later.
