Vanuit Perzië veroverden de Moghuls een uitgestrekt imperium dat zich uitstrekte over het grootste deel van India, Pakistan en Afghanistan. Het waren goede legerleiders met een strakke en administratie.
Akhbar zette de toon voor een machtig rijk dat goed omging met de religieuze diversiteit en ook spendeerde aan kunst. Het hoogtepunt van die kunst kwam met zijn kleinzoon Shah Jehan, ook bekend van het grafmonument voor zijn vrouw Mumtaz Mahal: de Taj Mahal.

Bijvoorbeeld deze wijnkan: stukken jade werden zo geslepen dat ze het metaal bedekken, aangevuld met robijnen en smaragden.
En wat denk je van deze “tafel BBQ” …




Maar de luxe beperkte zich niet tot wijnbekers, juwelen en andere gebruiksartikelen.
Ook waren er prachtige tapijten – hier een immens katoenen tapijt met opdruk voor in de zomermaanden.

En miniatuur schilderijtjes om hun bezittingen te archiveren, inclusief een zebra …

De Moghuls waren trouwens bijzonder vooruitstrevend. Ze sloten hun grenzen niet voor andersgelovige buitenlanders en toonden interesse in andere culturen. Dit blijkt uit keramiek tegels met een Portugese uitstraling en de betrokkenheid van een Franse protestantse juwelier bij de vervaardiging van een gouden palfijn.


