En dan – na een uurtje rijden – zijn wij er: Putih Lessi Indah. Het hotelletje gerund door Azis, een fantastisch sympathieke man.
Het is allemaal weer veranderd. Eerst waren er de onrusten in 2002, waardoor Azis alles moest sluiten en het jaren heeft geduurd voordat de Molukken weer veilig waren (ze staan trouwens nog steeds niet goed aangeschreven) en dan was er Covid. Azis zat toen in Ambon en kon het hier niet onder controle houden. Dit keer zorgden de termieten dat Azis alles weer moest heropbouwen.
Om het met de Ambonse woorden van mijn oudste tante te zeggen: Johan’s eieren gaan naar huis. Het is komisch gezegd, maar mijn vader’s ‘kroost’ is hier wel wat emotioneel over.
Voor zijn achterkleindochter is het de eerste keer (het is allemaal nieuw voor dit stadskind 😊), voor de kleinzoon is het 33 jaar geleden en voor mij, de dochter, is het wel speciaal om met 3 generaties naar het eiland van mijn vader terug te keren.
Maar eerst de ferry nemen vanuit Tulehu. Het is een komen en gaan van mensen met al twee boten sinds 8 uur naar diverse eilanden.
Ik belde zojuist naar Ambon om een pick up te regelen bij aankomst in de luchthaven en ik geef mijn naam op en kijk, niemand die vraagt om het te herhalen. Thuis 🙂
Voilà, het resultaat van door één van de belangrijkste shopping malls in Bandung te slenteren. Schoenen, die je in Europa enkel via internet kan bestellen, een camera, die je mogelijk pas in de volgende maanden bij ons zal kunnen vinden (totaal niet zeker) en allerlei kleinigheden; washi tape, sticky notes, ijskast magneten – girls stuff , actually …
Zie je veel nieuws? Eigenlijk niet. H&M, Zara, M&S – het is hier allemaal, dus daarvoor moet je hier niet komen winkelen. Maar ik geef toe, je kan hier joekels van TV-toestellen aan EUR 850,- kopen (dat heb ik toch nog niet in België gezien) en Xiaomi verkoopt hier wifi-versterkers, stofzuigers en tandenborstels.
Bandung is een drukke lawaaierige stad waar 3 miljoen mensen wonen. Het is ook de hoofdstad van West-Java en is best wel groen, met veel bomen. Omdat het op 700m ligt is het er ook ietsje frisser. Het verkeer krioelt door elkaar en hier geldt “voorrang voor de voorwielen”. Je moet echt de afmetingen van je voertuig tot op de millimeter kennen!
Het zicht van op de 11de verdieping
Bandung was in oorsprong een dorpje langs de “Grote Postweg” die van Jakarta langs de belangrijke plantages slingerde tot bijna de oostelijk tip van Java. Koloniale realisatie met veel dwangarbeid …
We gingen even een kijkje nemen naar de shopping mall een paar 100m verder langs de hoofdweg. Drie dingen vallen steeds weer op: een jonge bevolking, veel nieuwe auto’s en creatieve ideeën. En veel – drukbezochte – restaurants.
In de shopping mall is de inrichting leuk en luchtig en hebben ze in het midden een soort plein gemaakt waar mensen een dienst of een product kunnen aanbieden; die later kunnen doorgroeien naar een echte winkel.
In het westen van Java heb je een landstreek die Sunda heet en dat onder meer bekend staat voor een zeer speciaal muziekinstrument: de Angklung. Sinds 2011 behoort dit – samen met onder meer wayang poppen en sites zoals de Borobudur – tot het Unesco Erfgoed.
Een angklung bestaat uit twee tot drie gestemde bamboekokers die zich in een frame bevinden. Bij het zijdelings heen en weer bewegen ontstaat een warm soort geluid. Elk instrument is met de hand gestemd en brengt één toon (do, re ….) voort.
Hier een werkplaats met daaraan verbonden een muziekschool, die geregeld voorstellingen geeft. Zo zagen wij gisteren een heel kinderorkest, aangevuld met dans en een korte wayang voorstelling met – uiteraard – de Ramayana als onderwerp.
Halverwege de show gaat het gordijntje voor de tafel weg en zien we hoe de poppenspeler – letterlijk – met handen én voeten werkt. Met zijn linkervoet bvb maakt hij de geluiden van donder, bliksem en klappen na. Lijkt niet simpel!.
Bandung: universiteitsstad, bloemenstad, stad van massa’s kleding outlets (we zagen al Nike en Adidas outlets) en honderden restaurants heeft iets wat geen enkele andere stad ter wereld heeft: de Gedung Saté.
Het gebouw werd in 1920 gebouwd en was deel van een groot project dat nooit werd afgewerkt. In de volksmond werd het al vlug Gedung Sate (Saté Gebouw) genoemd omwille van de pinakel boven de hoofdingang, die op een saté-stokje lijkt.
En dat mag je letterlijk nemen: na een uurtje door Jakarta te rijden met moderne hoge (kantoor)gebouwen aan beide kanten van de weg
rij je – na een aantal tolpoorten – over een kms lange brug naar Bandung. De brug overspant gehuchten en rijstvelden. Het is echt impressionant.
150+ km verder aan gemiddeld 80 km/uur (ja, zelfs met tolwegen!) komen wij aan in de Bandung Hilton dat redelijk spectaculair is met o.m. een zwembad op het 6de.
Er wacht ons nog een surprise: een upgrade op de 11de verdieping met een badkamer om u tegen te zeggen. Het is precies of mensen beseffen dat badkamers belangrijk voor ons zijn 🙂