Wij reizen samen met een biologe, die ons – met de benodigde Latijnse namen – op verschillende bomen en planten wijst.
De tamarindeboom, naast het Fort Amsterdam, was zelfs voor ons gemakkelijk te vinden; hier zit een vrouw de peulen te triëren om op de markt te brengen.
Dit is dan weer een boom die tot de poinsettia (kerstroos) familie behoort.
Ambon Manise wilt zoveel zeggen als Liefelijk Ambon. En het blijft mooi, met na elke bocht wel iets moois of leuks. Onderweg naar Fort Amsterdam (meer informatie hierover in ons “rapport” van februari ’22) …
… stoppen wij zo nu en dan en maken wij wat foto’s. Chantal noemt het beeld hieronder een Neckermann foto 🙂
Wij zien ook hoeveel bamboe wel gebruikt wordt: van stellingen tot daken.
Over de bouw gesproken, voor de funderingen van veel gebouwen – als niet de muren – worden vaak koraalbrokken gebruikt.
En omdat iedereen mobiel bereikbaar moet zijn, staan er – net zoals bij ons – overal wel masten. Misschien ietwat minder verroest en de kabels beter weggewerkt … 🙂
Op het TO DO lijstje niet veel: boodschappen (muggenzalf/deodorant/sim-kaart). een ATM waar – met bepaalde credit cards – eindelijk geld uit de muur komt en wat cultuur.
Wij rijden daarvoor onder andere over een best monumentale brug, die kan wedijveren met die in Congo Brazzaville en Manado (zie onze trip naar Sulawesi).
Omdat wij vandaag best wat rondrijden, gaan we even tanken en zien dan een file aan het benzine station.
Ik weet het, je kan je afvragen of dit wel interessant is voor de lezer, maar reizen is rondkijken, verwonderd zijn, nieuwsgierig zijn. En dat willen wij met jullie delen.
Overal hangen posters i.v.m. een synode. Synode is gewoon Grieks voor “samenkomst” maar gebruiken we meestal in een religieuze context. Vreemd genoeg staan er op vele affiches ook geüniformeerde mensen… Moeten we eens uitzoeken.
Fort Rotterdam (zie vorige post) werd eigenlijk gebouwd op de locatie van het voormalige fort Jum Pandan, daarna Ujung Pandang genoemd, dat diende om Makassar beter te beschermen. Men denkt trouwens dat de naam afkomstig is van de pandan palmbomen, die in de buurt groeiden.
Begin jaren ’70 van de vorige eeuw werden verschillende steden nieuwe namen gegeven. Je snapt het al: Makassar kreeg de naam Ujung Pandang. Begin deze eeuw wilden zowel bevolking als locale autoriteiten (!!) terug naar de oude naam, die voor hen cultureel en historisch meer betekenis had/heeft.
En nu worden de twee namen door elkaar gebruikt. De luchthaven code is bv. nog steeds UPG.
Even ter info (ik ben het even gaan opzoeken) de bladeren van de pandan palmbomen zijn niet deze, die wij voor ons “kikkerijs” gebruiken. Voor zij die het nog nooit gegeten hebben, geef ons een seintje.
De alliantie tussen de koninkrijken Gowa & Tallo zorgde dat Makassar in de 16de en 17de eeuw uitgroeide tot een belangrijke vrije handelsstad, waar iedereen (Portugezen, Maleiers, moslims, Chinezen, …) welkom waren.
Dit was precies waarom de VOC (Vereenigde Oostindische Compagnie) er een handelspost wenste en het rijk uiteindelijk uitschakelde. Hoe groot deze macht wel was is nog steeds duidelijk als je Fort Rotterdam bezoekt.
Het is nog steeds één van de best bewaarde Nederlandse forten in de Pacific.
Persoonlijk kenden wij Makassar enkel als tussenstop naar of van de Molukken. Wij proberen daar zo iets aan te doen, want morgen reizen wij weer door.
‘Chet’ (je weet wel, die van Open AI) zegt er het volgende over: Makassar (hoofdstad van Zuid-Sulawesi) is geen klassieke toeristenstad, maar een rauwe, levendige havenstad met sterke Bugis-cultuur, geschiedenis van de VOC en een toegangspoort tot schitterende natuur. Verwacht geen Instagram-perfect paradijs; het is een mix van chaos, cultuur en zeezicht.
wij hebben juist de tentoonstelling van de zijderoute verlaten en bij een broodje in de Members’ Room met zicht op de inner court zijn wij nog aan het nagenieten van zoveel moois.
Eigenlijk gaat het niet over DE zijderoute, maar over een web van handelsroutes: van de Molukken tot Sutton Hoo – over land , langs rivieren en over zee. Inclusief de Vikingen.
Er zijn prachtige zijden schilderingen van Buddha – zeer fragiel, dus niet te fotograferen -, een Pakistaans bronzen beeldje in Zweden opgegraven, spectaculaire juwelen: goud, zilver, al dan niet met edelstenen (onder andere carneool, teruggevonden in Engeland) en een zeer eenvoudig armbandje van aan elkaar geregen kruidnagel (rechts onder op de foto)
Er zijn ook mantels met zijden applicaties en een schattige schoen ..
Zo veel …
Deze tentoonstelling overtuigt ons ook om in oktober – bij onze volgende reis naar Indonesia – Sumatra, en meer bepaald Padang. te bezoeken. Padang is namelijk een van de havens die vanuit de Molukken naar het Westen werd aangedaan. Maar daar later meer over.
traag verkeer, tijd genoeg om wat te babbelen met de chauffeur. We hadden zijn auto eerst niet herkend, want die was wit en de dag voordien reden we met hem in een zwarte… Ja, hij heeft namelijk twee auto’s nodig omdat hij elke dag moet kunnen rijden… Afhankelijk van de nummerplaat mag je in Jakarta maar de helft van de week rijden. En dus is de oplossing: twee auto’s! Met een elektrische mag je natuurlijk elke dag rijden. En ja die rijden ook rond – herkenbaar aan een blauwe strook in de nummerplaat- maar ofwel dure Europese of goedkopere Chinese.
Nog gauw afscheid nemen van de chauffeur – wiens adres we zeker zullen bijhouden – en hop: naar wat luchtzakken boven de Indische Oceaan en Doha, hoofdstad van Qatar.
Niet ver van ons hotel is een straat met een lange rij winkeltjes met items die variëren van oude rommel tot echte antiek. En van een gevarieerde oorsprong: Westen, Chinees en natuurlijk veel Indonesisch. Het gaat van porselein, over stoffen en houtsnijwerk tot hanglampen.