Luxe …

Een tip van golfmaatje Filip was eens dineren bij Syrco Basè, de getalenteerde chef van het voormalige Pure C in Cadzand. Die is namelijk in Ubud neergestreken en heeft er een indrukwekkend etablissement. Vooral de organisatie en vakkennis van het personeel vielen op.

het werd een mooie avond met een paar opmerkelijke cocktails – hieronder een stukje van de menu kaart.

geserveerd met fantastische hapjes zoals gegrilde aubergine met een speciaal sambal sausje, sate, een garnalen slaatje en zelfs vis croquetjes.

Netjes geserveerd in de bar. Met de – toch nog – aanwezige jetlag, leek de full-option 8 gangen menu geen slim idee. Het leuke trouwens aan een bar is dat je leuke gesprekken met de barmensen kan hebben, gaande van Indonesische grammatica tot een soort gininfuus met nootmuskaat – pala dus 🙂 …

De ene barman bleek trouwens afkomstig van het dorp waar we morgen naar toe verkassen en de andere waar we volgende week naar toe gaan.

De zwaluwen zeggen tot ziens …

… een oude heer doet zijn dagelijks ochtendwandelingetje, de toke gekko (zie tokaygeckoguide.com) laat nog eens van zich horen, Pim zwemt nog een ’lapje’, de koffers zijn bijna helemaal gepakt – nog 4 uur en wij verlaten deze mooie plek in het Noorden van Bali. Villa Burung en haar staf zijn geweldig – een echte aanrader (en wij beginnen toch wel ervaringsdeskundigen te worden 🙂

17 augustus Parades

Elke dag wordt het verkeer wel een paar keer opgehouden door schoolgaande jeugd, die al zingend op maat marcheert, al dan niet met de nodige choreografie.

Dit allemaal ter voorbereiding van de nationale feestdag op 17 augustus. Volgens onze chauffeur is er elk jaar een wedstrijd tussen de verschillende school gemeenschappen.

Je kan je afvragen of dit goed is, of dit niet overdreven is.
En ja, op 6/7-jarige leeftijd kende ik de Pancasila, de basisprincipes van de Indonesische Staat, alsook het Indonesisch volkslied uit mijn hoofd. Het scheelt in niets van ieder Amerikaans kind dat de vlag groet en het National Anthem uit volle borst meezingt.

Waar je het sowieso mee eens kan zijn is dat minstens 1 keer per maand – zeker in het Noorden van Bali – de kinderen in klederdracht naar school gaan. Zo hou je – wellicht Pancasila-gewijs – je afkomst in ere.

Ikat Jacht

Ikat is een typisch Aziatische weeftechniek die ook op veel Indonesische eilanden beoefend wordt. En dus ook op Bali. Na lang zoeken hebben we nog een echt fabriekje gevonden waar ze zelf weven. (Allemaal) dames die met erg antieke weefgetouwen aan de slag zijn om de fijnste stoffen te weven van katoen of zijde.

Moerbei heet “murbai” in het Indonesisch. Dat begrepen we na een snelcursus zijderups, waarbij een medewerker blaadjes voederde aan een collectie zijderupsen.

Schilderijen uit Ubud

Halverwege de vorige eeuw viel het een Nederlandse artiest op welke talenten er waren bij de plaatselijke jeugd. Hij gaf ze verf, borstels en canvas en zo ontstond een geheel eigen stijl met veel oog voor detail. Het schilderij links is een voorbeeld daarvan. En nee, dat hebben we niet gekocht, wegens boven budget.

Maar we kochten wel iets in een andere stijl waar we vroeger al naar keken, maar niet durfden te kopen. Leuk detail: we kochten het bij dezelfde galerij en dezelfde verkoper als ons eerste Indonesisch werk. Tussen beide foto’s liggen 14 jaar.

Sanur en Adrien-Jean Le Mayeur

De koffie heeft ons, zoals ze zeggen, ‘versterkt’; Wim beweert geen pijn meer aan zijn benen te hebben … Hup, dan maar naar de volgende stop: Sanur.

Sanur was de eerste plaats in Bali waar een groot hotel gebouwd werd. Het vroegere vissersdorp ligt aan een rustige baai met een breed wit strand, beschermd door een (koraal?) rif,

Ook de Belgische schilder Le Mayeur – op handen gedragen door de Balinese bevolking omdat hij met een Balinese prinses trouwde – bouwde hier zijn huisje. Het is ondertussen omgebouwd tot een museum (Adrien-Jean Le Mayeur – Wikipedia)

Het is nog steeds een eerder rustige badplaats; wij zijn daarom stomverbaasd als we zien hoe ze op het einde van de dijk een imposante ferry terminal aan het bouwen zijn.

Toch niet getreurd – verder op vinden wij nog een aardig hotel om te lunchen. Complimenten aan de (binnenhuis)architecten.